Noordwest-Luxemburg, genieten op de mountainbike


door : Idde Lammers 19 jul. 2018

Het Noordwestelijke deel van Luxemburg leent zich goed voor een lang weekend mountainbiken. Het aantal gemarkeerde trails is de afgelopen tijd flink uitgebreid. Journalist Idde Lammers verkende de Luxemburgse Ardennen en ontdekte dat het lieflijke landschap genoeg pittige verrassingen in petto heeft.

Wiltz is een historisch stadje in het noordwesten van Luxemburg. Beeldbepalend is het hooggelegen, in Renaicance stijl opgebouwde witte kasteel uit 1631. Vanaf stadscamping fiets je in ruim twee kilometer naar Chateau du Wiltz. Dat is nodig, want voor de poort van het reusachtige bouwwerk start Wiltz 1, een 25 kilometer lange, gemarkeerde MTB-route. Logischerwijs begint de route met een afdaling, maar na het verlaten van de westelijk gelegen industriezone maakt het asfalt al snel plaats voor een onverhard pad en openbaart zich het karakteristieke Luxemburgse landschap: een aaneenschakeling van paardenbloemrijke graslandjes, loofbossen en af en toe een boerderijtje. Aan het einde van de eerste, geleidelijke klim staat een monument. Een eerbetoon aan de in 1944/1945 gestorven soldaten in het bos. De foto's op de vier infopanelen doen geen aanspraak op je fantasie. De erbarmelijke omstandigheden waar de soldaten hier de ijskoude winter doorbrachten, wordt bijzonder plat getoond. Bijzonder is ook dat alle soldaten herdacht worden en niet alleen de geallieerden. Het monument is er blijkbaar ook voor de gestorven Duitse soldaten.

Dwars door de beek

Snel weg hier. Dat gaat met de straffe westenwind in de rug en licht bergaf over asfalt behoorlijk snel. Gelukkig is de trail perfect gemarkeerd en zie ik dat de route naar rechts onverhard verder gaat. Bij een beekje kan ik kiezen tussen een bruggetje of dwars er doorheen. De tweede optie is goed te doen. Het is wel even puzzelen om met de zelfontspanner het juist moment vast te leggen. Door het met bosanemonen overgoten groen gaat het afwisselend omhoog en omlaag. De vallei met de door graslanden meanderende beek is voor romantici het fraaiste deel van de route. Door de steile en relatief lange klim richting het dal waar Wiltz in ligt, kun je wel spreken van een venijnig einde. Na de afdaling staat 'Wiltz 2 kilometer' op een verkeersbord. Uitbollen naar de camping denk ik in mijn naïviteit. Nee eerst nog een klim naar de oostflank van het stadje. Het uitzicht vergoedt de arbeid. Een gravelpad leidt me terug naar de bebouwing. Daar wacht nog de laatste klim naar het kasteel waarin musea over het Ardennenoffensief en de bierbrouwkunst gevestigd zijn. Ik heb na 27 kilometer en 616 hoogtemeter genoeg strijd meegemaakt en heb meer zin in het eindresultaat van het bier brouwen.

Lekkere warming up

De volgende dag staat de 29 kilometer lange rit vanuit Winseler op het programma. Langs de Wiltz fiets je er in vijf kilometer naar toe. Op de kaart van de lokale VVV zie ik dat de 10,7 kilometer lange Wiltz 2 trail ook door Winseler voert. Hier is dus een perfecte combinatie te maken. Ik pik de route op 100 meter van de camping op. De fraaie klim door het gemengde naald- en loofbos is een mooie warming up. Na de eerste haarspeldbocht trekken drie roestige kunstwerken de aandacht. Ze zijn

geplaatst op de fundamenten van een sanatorium voor tuberculosepatiënten. Edmée Marth maakten ze in 2006 als onderdeel van een Europese sculpturenroute.

Singletrack op z'n Luxemburgs

Ondanks het druilerige weer en de 6 graden Celsius geniet ik van het landschap en de vele vogels die aan de rit een vrolijke noot toevoegen. De vinken op de grond, de roodborst op een laaghangende tak en de schelle tweetonige roep van de koolmezen brengen het bos tot leven. Het cadeautje is een glanskop. Die zie je ook niet elke dag. Op de top van de eerste beklimming ligt het vliegveldje van Noertrange. De enige vliegbewegingen zijn van enkele veldleeuweriken die luid roepend een partner voor zich proberen te winnen. De afdaling naar Winseler is grotendeels geasfalteerd. Ik moet vol in de remmen om het laatste, onverharde deel niet te missen. Zoals bedacht kruisen de routes 2 en 8 elkaar bij de brug. Ik fiets meteen door op de trail van 19 kilometer die als 'gemiddeld' wordt bestempeld. Afwisselend dalend en klimmend door weides en gemengde bossen kom ik aan in Pommerlach. Het bedrijventerrein aan de rand van de bebouwde kom is gelukkig klein. Wat volgt is een kilometers lange, naar Luxemburgse maatstaven, single track. Af en toe afstappen voor een omgevallen boom die op het pad is terechtgekomen hoort er hier bij. Na negen kilometer wijzen de ATB-tekens naar links terwijl mijn GPS rechtdoor aangeeft. Even later blijkt bosbouw de oorspronkelijke route onmogelijk te maken. Rechtsomkeert. Wat volgt is een lekkere afdaling naar de hoofdweg. Hier kun je bij Bar an den Kleef voor elf euro een plat du jour bestellen. Ik schat in genoeg energie te hebben om de rit naar Winseler te voltooien. Dat blijkt het geval, al vergt het glibberige modderpad na de afdaling na Grümmelscheid wel de nodige stuurmanskunsten.

Over een voormalig spoortalud

In het centrum van Winseler wordt een oude, overdekte veedrinkplaats in ere gehouden. Ik neem een slokje. Uit mijn bidon wel te verstaan want het water blijkt 'non potable'. Het laatste deel van de route Wiltz 2 is een eitje. Het pad voert voor een deel over het talud van een voormalige spoorlijn. Op de camping is het tijd voor een stevige lunch. Na 31 kilometers en ruim 600 hoogtemeters heb ik precies anderhalf uur recupereertijd. Dan wacht mijn eerste ontmoeting met gids Chris Scholtes. Hij heeft een route van 35 kilometer in gedachten. Ik besluit de 15 kilometer naar Bavigne toch maar even per auto te overbruggen. Op het parkeerterrein van Auberge du Lac staat Chris al op me te wachten. "We gaan de gemarkeerde Bavigne/Boulaide-route doen", zegt hij , "maar ik heb nog wel wat extra verrassingen als je dat leuk vindt." "Kom maar op", zeg ik in de hoop dat mijn lunch een snelle weg naar mijn benen vindt. Het eerste deel van de rit blijkt mee te vallen. Ook Chris heeft vandaag al een inspanning achter de rug. Als vliegtuigmecanicien heeft hij zojuist een nachtdienst achter de rug. Bovendien kraakt de trapas van zijn fatbike vervaarlijk. Gedoseerd trappen is het devies. De route voert grotendeels door de prachtige natuur rond de Haute Sûre, een langgerekt stuwmeer dat een groot deel van Luxemburg van drinkwater voorziet en een kleiner deel van hydro-elektriciteit. Op verschillende plekken hebben we zicht op het meer. Soms van grote hoogte, zoals bij het uitzichtpunt Tempelskamp. Rond het stuwmeer loopt een 80 kilometer lang wandelpad. Chris stelt voor hier een deel van te doen in plaats van de gemarkeerde route. Wat volgt is een spectaculaire afdaling. De rechte stukken op de steile wand richting water zijn nog net te doen, maar de scherpe, uitgesleten bochten vergen waardigheden die je in Nederland amper kunt trainen. Met een fotomomentje als excuus weet ik de schade te beperken. Ook Chris heeft er moeite mee, maar laat zich niet kennen. Na een vlak stuk langs het meer volgt een laatste lange klim. Ik bouw zowaar

een voorsprong van een minuutje op, maar koester geen illusies. Zeven jaar geleden volgde Chris de cursus 'ATB-guide'. Daar heeft hij vast en zeker geleerd dat je als begeleider je medefietsers af en toe een voorsprong moet gunnen. Na 30 kilometer zijn we ineens al weer in Bavigne. Vijf minder dan de officiële route. "Ik heb een 'shortcut' genomen om een lange strook asfalt te vermijden", verklaart Chris. Ik ben er niet rouwig om. Zeker niet nadat we het programma van morgen besproken hebben...

Afdaling door erosiegeul

Beckerich, in het groene hart van Luxemburg, wil een sportief dorp zijn. Dan valt die ene gemarkeerde ATB-route toch een beetje tegen, denk ik vooraf. Schijn bedriegt. Op het parkeerterrein van de plaatselijke sporthal blijkt de gemarkeerde route van 13 kilometer nog drie extra lussen in petto te hebben. Ik kies voor de basistrail die begint met een lekker lopende klim naar een kapelletje waar de architect weinig moeite voor heeft gedaan. Daarna begint een traject waar je als ATB'er opricht blij van wordt. Op en af door weides, akkers en vooral bos. Een heerlijke afdaling door een holle weg, gevolgd door een steile klim waar je in het lichtste verzet net boven kunt komen. Het is zonnig vandaag. De stralen op het frisse groen van eik en beuk geven het bos een sprookjesachtige dimensie. De bosanemonen hebben hun bloemblaadjes al ontvouwen. Ook zij profiteren van het lentezonnetje. De eerste lus van 18 extra kilometer heb ik inmiddels rechts laten liggen en bij de twee anderen doe ik dat ook. "Gebruik het basisrondje als opwarmer voor de middagrit", had Chris geadviseerd. Dat blijkt het zeker te zijn. Een mooie klim aan het begin, een klim op de helft en een klim aan het einde. De laatste afdaling naar Beckerich is veruit het spectaculairst. Je rijdt door een smalle erosiegeul vol rotsen en boomstronken naar beneden. Op het parkeerterrein, naast het mini-ateltiekbaantje, is er voor bezwete sportievelingen zelfs een douche beschikbaar. Gezien het middagprogramma maak ik hier geen gebruik van.

Lieflijk, glooiend landschap

Brouch is de geboorteplaats van gids Chris. Hij kent er ieder muizenpaadje in de omgeving. Een ideale plek dus voor een 'free ride'. "Zeg het maar", vraagt hij op het parkeerterreintje bij de kerk. "Hoe lang wil je het hebben. Alles tussen 20 en 70 kilometer is mogelijk." We kiezen voor 35. Tijdens de heuvelachtige rit vertelt Chris dat hij de cursus om ATB-gids te worden, gevolgd heeft op verzoek van het Luxemburgs Bureau voor Toerisme. "Deze streek kon wel een toeristische impuls gebruiken", verklaart hij. In het midden van de vorige eeuw was het westen van Luxemburg nog heel populair. Toeristen maakten met hun auto's tochten langs de vele kastelen en door het lieflijk glooiende landschap. Daar moet je het als regio tegenwoordig niet meer van hebben. Mensen zoeken sportievere uitdagingen. De vele gemarkeerde ATB-routes zijn hier een uitvloeisel van."

Sur place de bocht om

De tocht gaat verder langs de kapel van Sint Jan en de grot en van Sint Willibrordus. Smalle paden leiden je in een hellingbos naar beneden. Bij de scherpe bochten maakt Chris een 'sur place' en zwiept uit stand zijn fiets 180 graden om. Zo kun je inderdaad ook een bocht nemen. Als je het kunt...

Door de Vallei van Mandelbaach zijn amper hoogteverschillen. Wel is er een grappige gecombineerde tunnel voor fietsers en een beek. Het water is gelukkig niet dieper dan 15 centimeter. Aan de andere kant van de tunnel fietsen we tussen de ruïne van een watermolen uit

1626 door. Vroeger werd hier ijzererts gesmolten. Waterkracht zorgde ervoor dat blaasbalgen het vuur van zuurstof voorzag. Tien minuten later bereiken we Reiterléi. Chris daalt de steile, houten trap naar het uitkijkpunt per fiets af. We genieten van het uitzicht op een imposante abdij in het Marienthal totdat een buslading toeristen ons het zicht ontneemt. Over een beboste bergkam rijden we naar Mersch, het eeuwenoude stadje aan het begin van de Vallei van de Zeven Kastelen. Door de rotsige wolvenkloof dalen we af naar Brouch. 32 kilometer en 646 hoogtemeters staan er op de teller. Een mooi slot van een lang weekend mountainbiken door Noordwest-Luxemburg.

Tags : Bikespot, Luxemburg, Mountainbike



Reacties


    Er zijn nog geen reacties geplaatst.

Reageer



Mountainbike Plus maakt gebruik van Cookies ter verbetering van onze website. Maakt u verder gebruik van onze website dan gaat u hiermee akkoord.
Meer informatie

Ok