Al jaren duiken ze op in social media feeds: mountainbikers die ‘surfend’ over smalle ridgelines van zwarte stenen rijden, met de ondergaande zon aan de horizon. Die beelden leidden schrijver en fotograaf Bryan naar Terres Noires, een gebied bij de stad Digne-les-Bains in Zuid-Frankrijk, ter hoogte van Avignon. De naam betekent ‘zwarte aarde’, een kleur die wordt veroorzaakt door de aanwezigheid van het mineraal pyriet. De regio telt meer dan 2.300 kilometer aan officiële mountainbiketrails en twee bikeparks, en is dankzij de zuidelijke ligging het hele jaar door te berijden.
Na veertien uur reizen blijkt het hotel in Digne-les-Bains een perfecte uitvalsbasis: de Terres Noires-routes komen er letterlijk langs. De eerste avond wordt meteen benut voor een verkenningsrondje van tien kilometer met bijna 500 hoogtemeters, afgesloten met de afdaling Chapelle St Jean: twee kilometer en ruim 300 hoogtemeters naar beneden over steile singletracks met losse stenen, rockgardens en switchbacks.
De tweede dag staat in het teken van VTT 21, een officiële mountainbikeroute van 35 kilometer met ruim duizend hoogtemeters. Het hoogtepunt is de Crêtes de Saint Jean, de trail die via social media al jaren op de bucketlist stond. Een smalle ridgeline met aan weerszijden flink steile wanden maakt het een uitdagende maar onvergetelijke ervaring. De diversiteit aan afdalingen is enorm: van singletracks langs steile afgronden tot volle snelheid tussen de bomen door en grote stenen plateaus die als natuurlijke drops fungeren.
Op de derde dag staat EVO Bikepark op het programma, bereikbaar met de fiets vanuit het hotel. Een shuttle rijdt elke dertig minuten naar boven, naar een plateau 230 meter hoger. De trails variëren van toegankelijke blauwe routes met kombochten en tafelsprongen tot technische afdalingen vol stenen, wortels en houten features zoals skinny’s, drops en wallrides.
De conclusie vind je in de nieuwe Mountainbikeplus editie #234. Nog geen abonnee? Word dan snel Abonnee en ontvang 6 nummers voor € 69,95.

